Kantonrechter oordeelt over redelijk aantal thuiswerkdagen Booking.com
(Gedeeltelijk) thuiswerken is sinds de pandemie meer hoofdregel dan uitzondering. Zo ook bij Booking.com: de aanbeveling om voor 40% van de werktijd op kantoor te zijn werd daar door slechts 27% van de werknemers opgevolgd. Booking.com wenste deze aanbeveling daarom om te zetten naar een verplichting, ter bevordering van de samenwerking en verbinding binnen de organisatie.
De ondernemingsraad (OR) weigerde in te stemmen met dit voorgenomen besluit vanwege nadelige gevolgen voor de werknemers. Booking.com stapte daarop naar de kantonrechter met het verzoek om vervangende toestemming te verlenen.
Vervangende toestemming
Wanneer een ondernemer geen instemming verkrijgt van de OR voor het door hem gewenste besluit, kan hij de kantonrechter om vervangende toestemming verzoeken. De rechter toetst hierbij terughoudend: toestemming wordt slechts verleend indien de beslissing van de OR om geen instemming te geven onredelijk is, of indien zwaarwegende bedrijfsorganisatorische, bedrijfseconomische of bedrijfssociale omstandigheden het nemen van het besluit noodzakelijk maken.
Bij de redelijkheidstoets worden de argumenten van de ondernemer en die van de OR tegen elkaar afgewogen. Pas wanneer de belangen van de ondernemer bij het voorgenomen besluit zwaarder wegen dan die van de OR, kan sprake zijn van een onredelijke instemmingsweigering.
Oordeel kantonrechter
De kantonrechter oordeelde dat het “zonder twijfel een redelijk belang” is dat Booking.com haar werknemers wil verplichten minimaal 40% van hun werktijd naar kantoor te komen. Wanneer werknemers elkaar ontmoeten op kantoor kan dat bijdragen aan het bevorderen van onderlinge verbinding, opleiding en ontwikkeling en effectieve samenwerking tussen teams en teamleden onderling. Om dat te bereiken acht de kantonrechter verplichte aanwezigheid een redelijk middel, ook omdat het aanmoedigen van werknemers tot nu toe niet heeft gewerkt.
Booking.com als werkgever heeft een zekere beleidsvrijheid bij de inrichting van de organisatie. Ook speelt bij thuiswerken het instructierecht van de werkgever een rol: een werknemer moet redelijke aanwijzingen bij de uitoefening van het werk van de werkgever opvolgen. Met een verplichting om 40% van de werktijd op kantoor aanwezig te zijn wordt van de werknemers van Booking.com niet te veel gevraagd, aldus de kantonrechter.
Verder heeft Booking.com bij het voorgenomen beleid het medezeggenschapstraject zorgvuldig doorlopen en voldoende rekening gehouden met de door de OR aangevoerde nadelen voor individuele werknemers. Zo komt er een overgangsperiode van zes maanden, werd de verplichte aanwezigheid teruggebracht naar 40% in plaats van de oorspronkelijk beoogde 50-60% en wordt er een hardheidsclausule ingevoerd voor werknemers die problematische gevolgen ondervinden aan het besluit. Wel mag volgens de kantonrechter van Booking.com worden verlangd dat zij zich blijft inzetten voor voldoende werkplekken, zodat iedereen die naar kantoor komt ook een werkplek heeft.
Al met al woog naar het oordeel van de kantonrechter het redelijk belang van Booking.com bij het nieuwe beleid zwaarder dan de door de OR naar voren gebrachte belangen. Het weigeren van instemming door de OR was daarom onredelijk en de vervangende toestemming werd verleend.
Belang voor de praktijk
De uitspraak krijgt veel media-aandacht vanwege de boodschap dat een werkgever onder omstandigheden verplichte kantoordagen kan invoeren ondanks het ontbreken van instemming van de OR. De beschikking biedt echter geen algemene vrijbrief om thuis- of hybride werkbeleid eenzijdig te wijzigen. De lat bij een verzoek om vervangende toestemming ligt hoog, en eerdere pogingen door andere bedrijven om het thuiswerkbeleid te wijzigen zonder instemming van de OR liepen spaak nadat de werkgever de OR had gepasseerd of onvoldoende tegemoet was gekomen aan de bezwaren van de OR (zie ECLI:NL:RBOBR:2025:5758 en ECLI:NL:RBAMS:2025:3782).
Werkgevers moeten daarom zorgvuldig te werk gaan. Een concreet onderbouwd voorstel, aandacht voor de belangen van individuele werknemers en een zorgvuldig doorlopen medezeggenschapstraject zijn essentieel.
De volledige uitspraak vind je hier.